Terug naar overzicht

Van seksuele gedachte naar seksuele grensoverschrijding – De huisarts is cruciaal

    huisarts
    verwijzer
    vroegsignalering
    seksueelgrensoverschrijdend

24-10-2025

Casus
Derek is onzeker, onrustig schuift hij over zijn stoel. Hij wil zijn verhaal kwijt maar het lukt hem moeilijk. Zijn klacht is vaag, iets met seksualiteit. Jij probeert rust en vertrouwen uit te stralen en met hem in contact te komen. Uiteindelijk komt met horten en stoten het probleem eruit. Derek voelt zich aangetrokken tot meisjes. Hele jonge meisjes. Hij kijkt wel eens naar ze op straat en krijgt dan ongepaste gedachten. Hij weet dat dit niet mag. Maar hij kan de gedachten niet weerstaan en weet niet wat hij hiermee moet. Jij bent er stil van: wat kan jij als huisarts nu het beste doen? Fantaseren staat vrij, toch? Of zijn er risico’s bij deze cliënt? Is deze casus ernstig genoeg voor gespecialiseerde ggz? Moet ik doorverwijzen voor een paar gesprekken met de POH?

In dit artikel gaan we in op de rol van de huisarts in vroegsignalering en verwijzing naar gespecialiseerde behandeling. Omdat we weten dat dit op effectieve manier toekomstig seksueel grensoverschrijdend gedrag vermindert.

Cijfers
Tot 80% van de mannen (en een zeer enkele vrouw) pleegt wel eens seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het gaat dan bijvoorbeeld om ongewenst tonen van geslachtsorganen, kindermisbruikmateriaal kijken, aanranding, of verkrachting.

Ongeveer 1% van de mannen (en een zeer enkele vrouw) heeft interesse in kinderen, oftewel pedofiele interesses. Niet elke persoon met zulke interesse handelt ernaar. Goede onderzoeksgegevens ontbreken, maar zeer voorzichtige schattingen wijzen op 50%. Daarnaast heeft naar schatting meer dan de helft van de plegers van seksueel kindermisbruik een diagnose van pedofilie.

Risico’s
Er zijn risicofactoren die seksueel grensoverschrijdend gedrag voorspellen in bekende seksuele daders. Sommige van die factoren zijn al vroeg te signaleren. Dat betekent niet per se dat ze onherroepelijk leiden tot seksueel grensoverschrijdend gedrag, maar wel dat aandacht nodig kan zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om:

  • Afwijkende seksuele interesses
  • Heel véél seks willen
  • Seks op de verkeerde momenten inzetten (seksuele coping)
  • Eerder illegaal of grensoverschrijdend seksueel gedrag
  • Beperkte gedragscontrole of sterke impulsieve neigingen
  • Sociale isolatie, veel in de online wereld leven

Behandeling
Behandeling in de forensische ggz helpt om toekomstige seksueel grensoverschrijdend gedrag te verminderen. Onderzoek laat zien dat zulke behandeling tot 30% minder recidive leidt dan géén behandeling. Forensische ggz-instellingen zoals de Waag behandelen mensen met dreigend delictgedrag. Dit kan zowel via justitie als via verwijzing door de huisarts, ook wanneer er nog geen grensoverschrijdend gedrag heeft plaatsgevonden.

Behandeling is risicogericht. Risicofactoren worden in kaart gebracht en daarop wordt behandeling ingezet. Dit gebeurt meestal via individuele cognitieve gedragstherapie. Aanvullend kan gebruik worden gemaakt van groepsbehandeling, systeemtherapie, medicatie, traumabehandeling of schematherapie. Wanneer risico’s voldoende zijn afgenomen, kan behandeling worden afgesloten.

Wat kan ik als huisarts doen?

Vragen voor risico-inschatting:
- Kijkt patiënt online naar kindermisbruikmateriaal?
- Komt patiënt in contact met kinderen (online of offline)?
- Handelt patiënt naar deze gedachten? Wat houdt hem tegen?

Interventies:
- Intercollegiaal overleg met forensische ggz (zoals de Waag)
- Doorverwijzen naar hulplijn of forum van Stop it Now
- Doorverwijzen naar forensische ggz via Zorgdomein

Links:
De Waag – aanmelden
Stop it Now

Auteur: Dr. Eveline Schippers, teamleider Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag bij de Waag.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws met onze nieuwsbrief.
Meld je aan